knipselmap
Wat er over de vijfde cd geschreven werd, en foto’s uit die tijd.

Plato, 2007 (EZ)
Voor liefhebbers van: Sparklehorse, Smog, Palace Brothers, The Arcade Fire, Radiohead. Het Nederlandse King Me ontleent haar naam aan een nummer van Will Oldham. Oldham is ook direct één van de belangrijkste inspiratiebronnen van de band rond Michael Milo. Een band die ons op Guide Down trakteert op het ene na het andere wonderschone popliedje. Stemmige, vaak wat weemoedige popliedjes zoals we die kennen van alle incarnaties van Will Oldham, van een band als Sparklehorse en van muzikanten als Smog en Neil Young, maar in de wat stevigere uptempo songs horen we bovendien flarden van The Arcade Fire, Radiohead, Pink Floyd en The Velvet Underground. Indrukwekkend vergelijkingsmateriaal dat hopelijk veel mensen nieuwsgierig maakt naar deze uitstekende plaat van eigen bodem.

OOR, 2007 (René Megens)
Fijn, dit keer bij King Me geen studentikoze flauwekul in de vorm van kotsgeluiden. Alleen maar muziek. Die is goed en meer dan eens zeer goed. Rotterdammer Michael Milo, de grote man achter dit trio, maakte voor Guide Down slim gebruik van een aantal hulpkrachten. Onder meer Ariël de Graaf (viool), Krijn Tabbers (cello) en Club Diana-bassist Marius van Dalen (piano) dragen eraan bij dat het vijfde King Me-schijfje sinds 1999 bepaald geen armoedig album is. Het is er een waarop, evenals op Happy Happy het geval was, King Me opereert in de lijn van Sparklehorse en Grandaddy. In zijn overwegend melancholieke muziek schuwt Milo een groot gebaar niet en wat innerlijke gitaaronrust evenmin. Ugly World kent Sonic Youth-getint lawaai, maar King Me kan ook klein klinken, zoals blijkt uit het Daniel Johnston-achtige begin van Pig. Guide Down is, na Keep It Here en Happy Happy, het derde margepareltje van King Me op rij.

Subjectivisten, 2007 (Jan Willem Broek)
Al sinds 1999 is Nederland een ijzersterke band rijker, namelijk King Me uit Deventer. Vanaf hun in eigen beheer uitgebrachte King Me (1999) ben ik verkocht en dat is op de drie daarop volgende cd zeker niet afgenomen. De band heeft zich naar een nummer van de Palace Brothers (Will Oldham) vernoemd, afkomstig van het prachtige debuut There Is No-one What Will Take Care Of You. King Me het project rond zanger Michael Milo (ook gitaar, orgel, piano, bas, xylofoon), heeft zeker raakvlakken met die muziek mede dankzij de prachtig getormenteerde zang en de melancholische sfeer. Maar de band ontwikkelt zich door de jaren heen van een prima lo-fi act tot een uitstekende emotionele (post)rockband. Guide Down is hun nieuwste, vijfde cd waarop naast Michael ook Marc van Dijk (bas, orgel, gitaar) en Dave Kortekaas (drums, orgel, accordeon) de band vormen. Daarnaast doen er maar liefst 8 gastmuzikanten mee op moog, gitaar, zang, harmonium, viool, cello, piano en klarinet. De muziek is er dan ook naar, rijk gedetailleerd en gevarieerd. Ze gaan daarbij nooit over de top en blijven een bescheiden geluid produceren. De rode draad wordt nog steeds gevormd door de prachtige melancholie. De gitaarmuziek die redelijk consistent is bevat wel een scala aan subtiele invloeden, van zeventigerjaren psychedelica en new wave tot Americana, experimentele muziek en door de werkelijk wonderschone strijkpartijen ook klassiek. Hiervan kneden ze pakkende muziek die het midden houdt tussen postrock en emocore. Denk daarbij aan een mooie mix van Hood, Zoppo, Audiotransparent, Pavement, Grandaddy, Sparklehorse, Radiohead, Will Oldham en Timesbold. Hopelijk dat veel mensen, nationaal en internationaal, dit zullen oppikken. De cd is een aaneenschakeling van hoogtepunten en brengt het beste uit de droefgeestige gitaarmuziek naar boven. Mijn eerste officiële 2007 release klinkt als het knallen van kurken van de beste champagne bij nieuwjaar, het perfect gedoseerd uitschenken ervan en de tintelende slokken erna. Het jaar begint goed!
Afdrukken uit de map